Al sinds 1992 maakt Nada Surf ambachtelijke indie. Heel toegankelijk, maar onder het oppervlak melancholisch en gelaagd. Op het bekende hitje na is de band nooit doorgebroken tot de mainstream en wordt vaak gezien als een van de meest ondergewaardeerde bands van deze tijd. Eerder dit jaar werd het album If I Had A Hi-Fi uitgebracht. Aanvakelijk een project dat klein en goedkoop moest zijn, maar inmiddels heeft geleid tot een tour van drie maanden. In april stond de band nog in Tivoli de Helling. Deze keer speelt Nada Surf weer in de Melkweg, een plek die veertien jaar geleden voor het eerst werd bezocht.
Garcia Goodbye
Frontman Matthew Caws verwelkomt het publiek bij ‘the best show ever’. Ondanks de spottende toon is het een boodschap die door de zaal met luid gejuich wordt beantwoord. In Tivoli had Caws nog last van zijn keel, maar is deze avond goed bij stem. Een nieuwe toevoeging deze tour is de aanwezigheid van Martin Wenk van Calexico. Hij is verantwoordelijk voor toetsen, vrolijke trompetsolo’s en de bediening van een theremin. Sommige dingen veranderen echter nooit. Bassist Daniel Lorca negeert zoals altijd het rookverbod. Door de jaren heen heeft hij de techniek van zingen met sigaret in de mondhoek geperfectioneerd.
De band speelt een uitgebalanceerde set, met een lichte nadruk op Let Go. Vooral publiekslievelingen als ‘Blonde On Blonde’ en ‘Always Love’ krijgen de zaal mee. Van If I Had A Hi-Fi is ‘Love Goes On’ van The Go-Betweens een hoogtepunt. Het nummer sluit goed aan bij de vrolijke melancholie van Nada Surf. In de toegift wordt ‘Popular’ gespeeld, doorgaans de grote afwezige in de set. Eén van de sterke punten is dat de band en het publiek elkaar goed lijken te begrijpen. Dat maakt dat de grens tussen podium en zaal bijna afwezig is. Dit komt het duidelijkst naar voren als tijdens ‘Blankest Year’ het publiek het podium beklimt om samen met de band dansend de avond af te sluiten.
Nada Surf
Nadat de zaal is leeggelopen verschijnt Caws met een akoestische gitaar in de hal. De resterende mensen volgen hem met snelle pas en gaan in een kring om hem heen staan. Een extra toegift na een set van bijna twee uur getuigt wel van toewijding aan je fans en laat zien hoe sympathiek deze band werkelijk is. Verzoekjes als ‘Hyperspace’, ‘Your Legs Grow’, ‘Paper Boats’ en ‘Amateur’ worden beloond met ongetemde enthousiasme van de overgebleven mensen. Iedereen lijkt de teksten te kennen en zingt zachtjes mee. Opvallend zijn de vertederde blikken van het mannelijke deel van het kleine publiek en de term ‘bromantic’ spookt door het hoofd. Het is ook onmogelijk om niet geraakt te worden door de oprechtheid die van de band uitgaat. Misschien is dat het element dat Nada Surf al bijna twintig jaar relevant houdt.


















